Cognitieve Gedragstherapie (CGT)

Cognitieve Gedragstherapie (CGT, of in het Engels CBT) is een vorm van psychotherapie die het wetenschappelijk psychologisch onderzoek vertaalt naar de klinische praktijk.

CGT gaat er van uit dat wat men voelt (gevoelens of emoties), hoe men denkt (gedachten) en wat men doet (gedrag) in grote mate het resultaat is van wat men leerde of ervaarde. Gelukkig maar, want zo kunnen we steeds beter met nieuwe situaties omgaan.

Op een bepaald moment kan echter blijken dat je ondanks alles er niet meer in slaagt om je waarden te realiseren en je doelen te bereiken, en dat het je bovendien niet lukt dit zelf gemakkelijk te veranderen.

CGT ontwikkelde een verschillende methoden om hier werk van te maken.

Afhankelijk van hoe de problematiek zich ontwikkeld heeft en aandient kan gewerkt worden vanuit een waaier van modellen waarbij cognitieve therapie, exposure, schematherapie, dialectische gedragstherapie, mindfulness-based cognitieve therapie, ACT, compassion-focused therapie en positieve psychotherapie de belangrijkste zijn.

Een belangrijk kenmerk van CGT is dat er veel met concrete uitdagingen gewerkt wordt die binnen maar vooral buiten de sessies aangegaan worden om verandering in het concrete leven vorm te geven.

Manier van werken

Na een korte kennismaking, de noodzakelijke administratieve formaliteiten, afspraken rond beroepsgeheim en mogelijke betrokkenheid van derden wordt stilgestaan bij de aanleiding voor de consultatie, de ontwikkeling van de klacht, noemenswaardige gebeurtenissen en levensomstandigheden zodat er zowel een beeld van de problemen, de persoon en de context duidelijk wordt. Er wordt ook stilgestaan bij waar iemand zich wel goed in voelt en wat de sterke kanten zijn.

Op die manier wordt een beeld van de samenhang van de problemen binnen de ruimere context gevormd. Op basis van deze informatie wordt in samenspraak een behandelplan opgesteld, waarin ideeën geformuleerd worden waaraan, waarom en hoe in de komende sessies gewerkt kan worden.

Het is van belang dat de cliënt een zekere ‘klik’ heeft met de therapeut en het idee heeft fijn te kunnen samenwerken.

Eens de behandeling op dreef is komt de uitvoering van het opgestelde behandelplan aan bod.

Uiteraard is er ruimte om hoe een en ander gegaan is tussen de vorige en de huidige sessie te bespreken. Er wordt besproken hoe het met de eventuele ‘huiswerksuggesties’ gegaan is en of die bijgebracht hebben wat ze beoogden. Na een verdere verdieping en exploratie kunnen er allicht weer nieuwe stappen opgezet en uitgeprobeerd worden.